Kennisbasis rekenen oefenen op de juiste manier!

Kennisbasis rekenen oefenen op de juiste manier!

Kennisbasis rekenen is een gevreesde term, veel studenten gaan hier de mist in. In dit artikel vertellen je wat je moet oefenen en leer je kennisbasis rekenen oefenen op de juiste manier!

Inhoud

[[showindex]]

Wat is kennisbasis rekenen?

Aan de Pabo opleiding hangen een aantal gevreesde toetsen vast. Een van die toetsen is de kennisbasis rekentoets. Tijdens deze toets wordt je getest op verschillende reken onderdelen.

Kennisbasis onderdelen

Het kennisbasis rekenen bevat verschillende onderdelen:


1. Machtsverheffen

Machten worden gebuikt om bijvoorbeeld formules in te korten of berekeningen snel te maken, zo kun je bijvoorbeeld | 5 x 5 x 5 x 5 = 625 | korter schrijven door middel van machten.
Dan krijg je: | 54 = 625 | (vijf tot de macht 4) hier is 5 het grondgetal en 4 de exponent.


2. Wortels

Wortels worden gebruikt om erachter te komen welk getal je met zichzelf kan vermenigvuldigen om dat antwoord te krijgen. √25 = 5 omdat 5 x 5 = 25. De wortel van 25 is dus 5 omdat als je 5 vermenigvuldigd met zichzelf (5x5) het antwoord 25 is (het getal waarvan je de wortel zoekt)


3. Tijd en Klok rekenen

Dit onderdeel spreekt voor zich, je gaat aan de slag met rekenen met tijd.


4. Deelbaarheid

Tijdens een deling is het deeltal het getal dat gedeeld wordt. Een deler is het getal waardoor je iets deelt, het getal dat overblijft is de rest. Als het getal deelbaar is dan is de rest 0.


5. Eigenschappen van bewerkingen

Er verschillende soorten eigenschappen, tijdens het bewerken van een commutatieve eigenschap verander je de volgorde van een berekening waarbij de uitkomst niet veranderd. Bij een Associatieve eigenschap verander je de volgorde van een berekening door middel van haakjes, hierbij blijft de uitkomst hetzelfde

6. Talstelsels

Talstelsels zijn systemen die gebruikt worden bij wiskunde. Deze worden gebruikt om getallen voor te stellen. Vroeger was het een systeem om te tellen, tellen is het opnoemen van natuurlijke getallen. Door talstelsels te gebruiken kwam de manier van noteren naar boven.

7. Figurale getallen

Figurale getallen worden gebruikt om een aantal aan te geven dat in een bijzondere meetkundige vorm geordend kan worden. Driehoeksgetallen, rechthoeksgetallen en vierkantsgetallen zijn bekend.

8. Rijen en reeksen

Een reeks is meer dan een willekeurige som. Een reeks is de som van de opeenvolgende termen van een rij.

9. Negatieve getallen

Hiermee ga je aan de slag met negatieve getallen bijvoorbeeld 9 + -2 = 7

10. Wetenschappelijke notatie

Wetenschappelijke notaties worden gebruikt om hele grote of kleine getallen op te schrijven op een overzichtelijkere manier. De notatie is altijd een getal groter of gelijk aan 1 en kleiner dan 10.

11. Vergelijkingen

2 formules kunnen worden vergeleken met een = teken er tussen, de uitkomst voor en na het = teken is dan gelijk. Dit kan met verschillende onbekende variabelen gelijk aan elkaar worden gesteld.

12. Priemgetallen

Priemgetallen zijn natuurlijke getallen groter dan 1, en is enkel deelbaar door 1 en zichzelf. Het kleinste priemgetal is 2, daarna volgt 3. 4 is het volgende getal maar is geen priemgetal omdat het deelbaar is door 1, 4 en 2.

13. Ontbinden in priemfactoren

Door uit te zoeken door welke priemgetallen een getal deelbaar is kom je erachter dat het wel of niet mogelijk is. Als het wel mogelijk is dan schrijf je het op als een product van een priemgetal.

14. Kansrekening

Door middel van kansrekening kun je de waarschijnlijkheid op een bepaalde gebeurtenis berekenen.

15. Breuken en kommagetallen

Als een getal niet heel is gebruik je een komma waarachter je het onvolledige gedeelte van het betreffende getal plaatst.
 Ook bevat dit onderdeel breuken, bij een breuk bereken je eerst alles boven en daarna onder, vervolgens ga je het delen door elkaar.  

16. Procenten

Het woord procent betekend Per honderd. 1 procent betekent 1 per 100 of 1 honderdste deel. Met een percentage wordt altijd een deel van iets aangegeven.

17. Verhoudingen

Een verhouding laat zien hoe twee getallen zich verhouden tot elkaar. Een verhouding heeft (hoewel veel mensen dit denken) niks te maken met de grootte van getallen.

18. Snelheid

Snelheden kun je berekenen door de afstand te delen door de tijd die je hierover doet. Als je bijvoorbeeld 200 kilometer moet rijden, je doet hierover 2,5 uur. 200 delen door 2,5 = 80. Je gemiddelde snelheid is dus 80 km/u

19. Formules en grafieken

Bij dit onderdeel gaat het erom dat je formules en grafieken begrijpt, op kunt lossen, maken en aflezen.

20. Het getal pi, omtrek, oppervlakte en inhoud

Het getal pi wordt een wiskundige constante genoemd. Het getal pi is de verhouding tussen de diameter en omtrek van een cirkel.

21. Meetkunde; rekenen met lijnen, hoeken en driehoeken

Dit onderdeel draait om inzicht. Je bent hier bezig met het bereken van figuren, lengtes en lijnen.


22. Pythagoras

De stelling van Pythagoras is een stelling die gebruikt wordt in de wiskunde. Deze stelling geeft het verband tussen de lengten van de zijden van een rechthoekige driehoek. Bij een rechthoekige driehoek staat de som van de kwadraten van de lengtes gelijk aan het kwadraat van de schuine zijde. Met deze methode kun je dus snelle bekeringen maken op rechthoekige driehoeken

23. Meten en meetkunde

Het gaat erom bij dit onderdeel dat je greep krijgt op eigenschappen van situaties en objecten om je heen. Lengte, oppervlakte, tijd, inhoud en gewicht worden grootheden genoemd. Meten is nauwkeurig bepalen van maten door middel van een instrument zoals een centimeter of geodriehoek.

24. Verbanden

Tussen verschillende getallen bestaat er soms een verband, dit is niet altijd makkelijk maar als je dat verband weet kun je die gebruiken om snelle berekeningen te maken.

25. Heuristieken

Heuristieken worden gebruikt om tot de oplossing van een probleem te komen en hierbij minder operaties te gebruiken. Een heuristiek wordt ook wel ezelsbruggetje of geheugensteuntje genoemd.

Kennisbasis rekenen oefenen

Nu je weet wat alle onderdelen zijn en wat het ongeveer inhoud kun je al gelijk een stuk beter oefenen. Je weet nu namelijk per onderdeel wat je wachten staat en wat je nog moet doen.

Wil je direct aan de slag met oefenen? We hebben de ideale oefentoets gemaakt die je gratis kunt downloaden. Wacht dus niet te lang en begin gelijk met jezelf voor te bereiden en de kennisbasis rekentoets af te slachten!

€37


De Pabo Rekentraining A

+Wiscat training (1e jaars)

+Alle Bonussen

+Pabo Community

+Live Support

+Coaching via mail

+IQ Test

€57


De Pabo Rekentraining B

+Wiscat Training (1e jaars)

+Kennisbasis rekenen wiskunde(3de jaars)

+Taaltoets Training

+Alle Bonussen

+Pabo Community

+Live Support

+Coaching via mail

+IQ Test


€47


De Pabo Rekentraining C

+Wiscat Training (1e jaars)

+Kennisbasis rekenen wiskunde(3de jaars)

+Alle Bonussen

+Pabo Community

+Live Support

+Coaching via mail

+IQ Test