Page content

Procenten

Wat gaan we uitleggen over procenten?

      1. Wat is een procent?
      2. Verschillende soorten sommen met procenten
      3. Tips voor het rekenen met procenten
      4. Oefeningen maken met procenten
      5. Antwoorden

    Wat is een procent?

    Een procent is een honderdste deel. Je gebruikt procenten om een verhouding aan te geven. Een aantal procenten wordt het percentage genoemd. In plaats van ‘de helft’ kun je ook ‘50%’ zeggen of een percentage van 50%. Procent staat voor Pro Cent, dat per 100 betekent.

    betekenis van procent - pro cent.

    Net als bij een breuk is een procent een deel van een geheel. Bij een taart die in 6 stukken is verdeeld, heten de 6 stukken één zesde. Je kunt ook 1/6, zeggen: een deel van de 6 stukken.

    Verschillende soorten sommen met procenten

    • Sommen waarbij je de 100% weet en waar je een deel (percentage) daarvan moet uitrekenen.
    • Sommen waarbij je het deel weet en waar je het geheel (100%) moet uitrekenen.
    • Sommen waarbij je twee getallen krijgt en je het percentage moet uitrekenen.

    Sommen waarbij je de 100% weet en waar je een deel (percentage) daarvan moet uitrekenen

    Som

    In een klas zitten 24 leerlingen. Omdat er griep heerst is 20% van de klas ziek. Hoeveel leerlingen zijn niet ziek?

    De klas bestaat uit 24 leerlingen dus 100% = 24 leerlingen. Je wilt weten wat 20% is.

    Eerst ga je uitrekenen wat 1 % is van de klas.

    100% = 24 leerlingen

    1% = ?

    Om van de 100, 1 te maken doe je 100 : 100 = 1

     

    100%         1%           20%

    24                ?               ?

     

    De rekensom die je in het bovenste rijtje doet, doe je ook in het onderste rijtje.

    Dus 24 : 100 =  0,24 oftewel 1% van de 24 leerlingen.

    Nu wil je 20% weten. Om van 1% naar 20% te gaan doe je 1 x 20 = 20

    1% van de leerlingen is 0,24 x 20 = 4,8 leerlingen.

    Natuurlijk kun je geen 0,8 leerling hebben dus worden het 4 leerlingen.

     

    100%         1%           20%

    24               0,24          4,8=4

     

    Maar je moet weten hoeveel leerlingen de griep niet hebben gekregen.

    4 leerlingen zijn ziek van de 24.

    24 – 4 = 20

    Antwoord: 20 leerlingen zijn niet ziek.

     

    Tip

    Vind je dit nog moeilijk om uit te rekenen? Bekijk dan dit korte filmpje.

    Sommen waarbij je het deel weet en waar je het geheel (100%) moet uitrekenen

    Som

    Tim koopt een tweedehands auto voor 950 ,-. Tim gaat de auto opknappen en de auto daarna verkopen. Bij het verkopen maakt Tim 26% winst.

    Voor hoeveel verkoopt Tim de auto?

    Eerst ga je winst berekenen. Dit is dus 26% van  950,-. Maak gebruik van een tabel.

    950 : 100 = 9,5 oftewel 1%.

    9,5 (1%) x 26 (de winst) = 247,-

     

    100%         1%           26%

    950             9,5          €247,-

     

    Nu weet je wat de winst is namelijk ; 950 : 100 = 9,5 oftewel 1%.

    9,5 (1%) x 26 (de winst) = 247,-.

    De auto is dus verkocht voor 950 + 247 = €1.197,-

     

    Sommen waarbij je 2 getallen krijgt en je het percentage moet uitrekenen

    Som

    In een dansgroep zitten 50 kinderen zijn 5 kinderen ziek.Kinderen die aan het dansen zijn.

    Hoeveel procent is dat?

    Breuk = 5/50

    5            ?

    50      100%

    Om van 50 naar 100% te gaan doe je 50 x 2.

    Wat je onder aan het tabel doet moet je ook boven doen.

    5 x 2 = 10%

    Het antwoord is dus 10%.

    Tips voor het rekenen met procenten

     

    Tip 1

    Maak gebruik van een tabel. Het werkt overzichtelijk en de kans op fouten is kleiner.

     

    Tip 2

    Je kunt het percentage vaak eenvoudig uitrekenen door eerst uit te rekenen wat 1% is en het daarna te delen door 100.

    Daarna vermenigvuldig de uitkomst met het percentage dat je wilt weten.

     

    Tip 3

    BTW voor tabak, benzine en alcohol is altijd 21%.

     

    Tip 4  

    Als je gebruikmaakt van een tabel en de antwoorden in de onderste kolom al gegeven zijn,  dan kun je de bovenste kolom uitrekenen door dezelfde som te gebruiken die je ook bij de onderste kolom gebruikt hebt.

     

    Tip 5

    Percentages boven de 100% kun je uitrekenen door 100% van de vraag te nemen en daar vervolgens het extra percentage bij op te tellen.

    Oefeningen maken met procenten

     

    Vraag 1

    75% van 320 werknemers gaat met de auto naar zijn werk. Hoeveel werknemers zijn dat?

     

    Vraag 2

    Op een regenachtige dag lopen er 2500 mensen in de stad. 60% hiervan loopt met een paraplu. Hoeveel procent loopt zonder paraplu?

     

    Vraag 3

    Marcel koopt een refurbished telefoon voor € 820 ,-. Hij wil hem verkopen met 22% winst. Voor welk bedrag moet hij de telefoon verkopen?

     

    Vraag 4

    Achmed gaat naar de Shell om zijn auto vol te tanken . Hij tankt voor € 172 ,- exclusief BTW. Hoeveel moet hij aan BTW betalen?

    Antwoorden

    Vraag 1Rekensom voor procenten opdracht 1

     

    Antwoord = 240

     

    Vraag 2Rekensom voor procenten opdracht 2

     

    Antwoord = 1000

     

    Vraag 3Rekensom voor procenten opdracht 3

     

    Antwoord = 180,40

     

    Vraag 4Rekensom voor procenten opdracht 4

     

    Antwoord = €36,12